Zondag 30 oktober 2005, 14.00 - 16.00 uur
Wijkgebouw De Boerderij, Lutullistraat 139, Hoofddorp.
Liefde en strijd: 16e eeuwse muziek uit de Nederlanden
|
[Pavane
V:] La Battaille Gaillarde sur la bataille Pavane I: Mille regretz Avez Maria virgo serena O quam gloriosum Pavane Si par souffrir & Gaillarde IV Passe et medio & Reprise: La pingne Recordans de mia segnora Comment peult avoir joye Al is den tijt nu doloreus Ricercare X A la bataglia |
Tielman Susato (ca. 1500?-1561/64)
Pierre Phalèse (ca. 1510-ca. 1573) Tielman Susato Josquin des Prez (ca. 1450-1521) Jacob Vaet (ca. 1529-1567) Tielman Susato Josquin des Prez Jan van Wintelroy (fl. 1529-1567) Adriaen Willaert (ca. 1490-1562) Heinrich Isaac (ca. 1450-1517) |
Pauze
Dansen: Nederlandse, Engelse en Franse muziek uit de 17e eeuw
| Ballo del granduca Variatio, Secunda variatio, Tertia variatio, Quinta variatio Pavana Philippi Variatio [1], [2], [3] Suite 6 uit Consort of Fower Parts Fantazia, Courante, Ayre, Saraband Concert pour quatre parties de Violes Prelude, Allemande, Sarabande en Rondeau, Gigue Angloise |
Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621) Jan Pieterszoon Sweelinck Matthew Locke (1621/22-1677) Marc Antoine Charpentier (1635-1704) |
Toelichting
Het programma voor de pauze – met 16e eeuwse muziek uit de Nederlanden –
staat in het teken van liefde en strijd. De strijd wordt muzikaal verbeeld
in zogenaamde battaglia's van o.a. de Zuid-Nederlanders Tielman Susato (ca.
1500?-1561/64) en Heinrich Isaac (ca. 1450-1517). Battaglia's – waarin
krijgssignalen en oorlogsgeluiden worden nagebootst – zijn in de 16e eeuw in
veel Europese landen gecomponeerd met vaak dezelfde muzikale motieven.
In chansons van Josquin des Prez (ca. 1450-1521) wordt de wereldlijke liefde
– gelukkig en droevig – getoonzet. De religieuze liefde voor Maria wordt ten
gehore gebracht in het motet Avez Maria virgo serena van Josquin.
De componisten uit de Nederlanden waren in de 16e eeuw meesters in het
contrapunt: een compositietechniek waarbij meerdere melodische lijnen worden
gecombineerd en die allen een zelfstandig verloop kennen. Een instrumentaal
voorbeelden hiervan is Ricercare X van Adriaen Willaert (ca. 1490-1562).
Het tweede deel van het programma is geheel gewijd aan de dansmuziek. Deze
dansmuziek is waarschijnlijk niet gecomponeerd om op te dansen, maar is
bedoeld om naar te luisteren en voor het plezier van de uitvoerders. Geen
van de stukken is geschreven voor blokfluitkwartet, maar ze zijn er wel heel
geschikt voor (te maken).
Voor de Amsterdammer Jan Pieterszoon Sweelinck (1562-1621) waren dansen
uitgangspunt voor het componeren van virtuoze variaties voor het klavecimbel
en het orgel. De Engelse componist Matthew Locke (1621/22-1677) schreef
suites voor viola da gamba's (strijkinstrumenten), waarin hij luchtige en
lichte dansen liet volgen op een gecompliceerde fantasia. De Franse
componist Marc Antoine Charpentier (1635-1704) schreef een suite met dansen
voor viola da gamba's, die hij concert noemde.